Waar moet u rekening mee houden bij het plaatsen van bewakingscamera’s?

Volgende vragen krijgen we regelmatig gesteld: Als ik bewakingscamera’s plaats en er wordt ingebroken hoe kan ik die beelden dan gebruiken? En wat mag er precies gefilmd worden? Kan ik mijn camera naar de openbare weg richten? Kan ik mijn personeel filmen? Moet een privé camera worden aangegeven? Wat met de wetgeving?

Als specialist terzake kunnen we u hierover uiteraard adviseren. Hiervoor volgen we de algemene richtlijnen van de Camerawet van 2007.

Eerst en vooral, van zodra u een bewakingscamera installeert moet u hiervoor een aangifte doen bij de privacy commissie. U dient ook ergens zichtbaar te vermelden dat er bewakingscamera’s hangen. Uiteraard hoeft u in uw woonkamer geen sticker te hangen.

Volgens de camerawet is een bewakingscamera elk vast of mobiel observatiesysteem dat beelden verzamelt, verwerkt of bewaart om:

  • misdrijven te voorkomen, vast te stellen of op te sporen
  • overlast te voorkomen, vast te stellen of op te sporen
  • de orde te handhaven

Een camera die de ingang van uw appartementsgebouw in de gaten houdt om vandalisme of overlast tegen te gaan, is een bewakingscamera. Een webcam die toeristische beelden van het marktplein maakt, is dat niet.
Wanneer u van plan bent een bewakingscamera te plaatsen en te gebruiken, moet u rekening houden met het proportionaliteitsbeginsel.

Dat wil zeggen:

  • dat er een evenwicht moet bestaan tussen uw belang en het recht op de bescherming van het privéleven van de gefilmde persoon. (Is een bewakingscamera in een wachtzaal van een dokter wel nodig?)
  • dat er geen andere maatregelen mogelijk zijn die minder ingrijpen in het privéleven van de gefilmde persoon. (Een concertorganisator hoeft de ingang van de concertzaal niet te filmen om te zien of iedereen wel betaalt: hij kan ook opzichters plaatsen die de bezoeker controleren.)
  • dat er geen overbodige beelden mogen worden verwerkt en dat de bewakingscamera niet gericht mag zijn op een plaats waarvoor men niet bevoegd is. (Zo mag een dancinguitbater geen bewakingscamera richten op de openbare weg om amokmakers van ver te zien aankomen. Niet elke weggebruiker is een dancingbezoeker. Bovendien mag de uitbater geen publieke plaatsen filmen.)

Op deze regeling zijn twee uitzonderingen. De volgende bewakingscamera’s moeten de voorschriften van de camerawet niet volgen:

  • Bewakingscamera’s die geregeld zijn door een bijzondere wetgeving zoals de voetbalwet
  • Bewakingscamera’s op de arbeidsplaats; in de privésector moet dan CAO nummer 68 (PDF, 8 p. – 98,19kB) worden nageleefd.

In sommige gevallen kunnen zowel de camerawet als de CAO gelden: in een supermarkt kunnen bewakingscamera’s tegelijk dienen om toezicht te houden op personeel dat de kassa bedient, als om misdrijven zoals winkeldiefstal te voorkomen.
Bewakingscamera’s kunnen op drie types plaatsen voorkomen:

  • op niet-besloten plaatsen
  • op besloten plaatsen die toegankelijk zijn voor het publiek
  • op besloten plaatsen die niet toegankelijk zijn voor het publiek

Een niet-besloten plaats is elke plaats die niet door een omsluiting is afgebakend en vrij toegankelijk is voor het publiek. Die omsluiting hoeft niet noodzakelijk een omheining te zijn: ook een bordje met de tekst ‘privé’ geldt als omsluiting.
Voorbeelden van niet-besloten plaatsen zijn de openbare weg, een marktplaats, een gemeenteplein, een park …

Met een besloten plaats die toegankelijk is voor het publiek bedoelt de wet elk besloten gebouw of elke besloten plaats die uitsluitend bestemd is voor het gebruik door het publiek en waar diensten aan het publiek worden aangeboden.
Voorbeelden: een handelszaak, een lokettenzaal van een bank, een museum, een sportzaal of –terrein, een restaurant, een café, een dokterspraktijk …

Een besloten plaats die niet voor het publiek toegankelijk is, is elk besloten gebouw of elke besloten plaats die uitsluitend bestemd is voor het gebruik door de gewoonlijke gebruikers.
Voorbeelden: de familiewoning, een appartementsgebouw (inclusief toegangshal), een kantoorgebouw (waar geen diensten aan het publiek worden aangeboden), een fabriek, een boerderij …

Als u niet zeker weet tot welke categorie een bepaalde plek behoort of als u verschillende soorten plaatsen controleert met éénzelfde bewakingscamera systeem, is het strengste regime van toepassing.

Hoe mag u deze beelden gebruiken?
Hoe u de beelden mag bekijken, is afhankelijk van de plaats waar de bewakingscamera hangt.
Beelden van een besloten plaats mag u alleen bekijken in ‘real time’ als:

  • dit gebeurt onder toezicht van de bevoegde overheid
  • politiediensten onmiddellijk kunnen ingrijpen bij misdrijven, schade of ordeverstoring; met behulp van de bewakingscamera kunnen zij dan optimaal gestuurd worden.

In een besloten plaats die toegankelijk is voor het publiek mag u de beelden alleen in real time bekijken om onmiddellijk in te grijpen bij misdrijven, schade of het verstoren van de orde.

Bewaren
Beelden van een besloten plaats en een besloten plaats die toegankelijk is voor het publiek, mag u alleen bewaren:
de beelden dienen om bewijzen te verzamelen over misdrijven of schade, en om daders, getuigen of slachtoffers op te sporen.
u de beelden niet langer dan één maand bewaart. Tenzij de opgenomen beelden kunnen dienen om een misdrijf aan te tonen, een bewijs te leveren tegen een dader of een getuige of slachtoffer te identificeren. Als dat het geval is, mag u de beelden langer bewaren.

Het spreekt voor zich dat u een bewakingscamera nooit stiekem of heimelijk mag gebruiken: de camerawet verbiedt dit. De gefilmde persoon moet dus voorafgaand zijn toestemming geven. Het feit dat hij een plaats binnenkomt waar een pictogram hem waarschuwt dat er een bewakingscamera hangt, is voldoende als toestemming.

Iemand die gefilmd wordt, heeft recht op toegang tot de beelden. Dit recht geldt voor iedereen, ongeacht zijn leeftijd, geslacht, functie …. U kunt dat recht alleen doen gelden als de beelden ook werden opgenomen. Om het recht op toegang uit te oefenen, moet u een gemotiveerd verzoek richten aan de verantwoordelijke van de verwerking.

Als u een bewakingscamera plaatst, dan moet u de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer daarvan op de hoogte brengen. Op de website van de Commissie kunt u een elektronische aangifteprocedure doorlopen. U moet de bewakingscamera aangeven ten laatste op de dag voor u hem in gebruik neemt.
Voor een niet-besloten plaats heeft u bijkomend een positief advies van de betrokken gemeenteraad en korpschef van de politiezone nodig.

Er is één situatie waarin u geen aangifte hoeft te doen: als u de bewakingscamera plaatst in uw eigen woning.

Hebt u hierover nog vragen, aarzel dan zeker niet om me te contacteren en dat kan zowel telefonisch via +32 471 / 48 60 80 of via mail: info@transelec.eu